NES – Wie oude foto’s van het strand bij Nes bekijkt, ziet een Ameland dat bijna niet meer voor te stellen is. Aan het einde van de Badweg stonden ooit twee grote hotels vlak bij de Noordzee. In de eerste aflevering van onze serie ‘Verdwenen, maar niet vergeten’ vertelden we het verhaal van Hotel Scheltema. Pal daarnaast stond nóg een bijzondere plek: Strandhotel Steinvoorte. Het begon met weinig meer dan een tent van zeildoek, groeide uit tot een bekend strandhotel, werd door de zee verwoest, opnieuw opgebouwd en moest uiteindelijk tóch wijken. Dit is het verhaal van Steinvoorte.
Verdwenen, maar niet vergeten
Ameland verandert voortdurend. Gebouwen verdwijnen, bedrijven sluiten, landschappen verschuiven en soms blijft van een plek uiteindelijk alleen een foto, een herinnering of een verhaal over.
In de serie ‘Verdwenen, maar niet vergeten’ duiken we in plekken en verhalen die ooit bij het eiland hoorden, maar die je vandaag niet meer terugvindt zoals vroeger.
De eerste aflevering ging over Hotel Scheltema bij Nes. Dat markante hotel stond jarenlang aan de rand van het duin, totdat de oprukkende zee het verblijf op die plek onmogelijk maakte. Wie het verhaal van Scheltema vertelt, komt bijna vanzelf bij zijn buurman terecht.
Want vlak daarnaast stond Strandhotel Steinvoorte. En het verhaal daarvan laat misschien nog wel sterker zien hoe het toerisme op Ameland groeide én hoe grillig de Noordzee kan zijn.
Het begon met een tent
We gaan terug naar 1925. Toerisme op Ameland zag er toen totaal anders uit dan tegenwoordig. Geen grote stroom auto’s vanaf de veerboot, geen volle parkeerterreinen bij het strand en geen moderne strandpaviljoens zoals we die nu kennen.
Toch ontdekten steeds meer mensen het eiland als vakantiebestemming. De zee, de ruimte en de gezonde buitenlucht trokken bezoekers naar Ameland. De broers Johannes en Jan Edzard Steinvoorte zagen daar mogelijkheden in.
Ze begonnen bijzonder eenvoudig: met een gehuurde zeildoeken tent op het strand. In 1926 werd het tentdoek vervangen door hout. Wie toen bij Steinvoorte neerstreek, hoefde bovendien niet diep in de buidel te tasten. Een terugblik uit 1965 vermeldt dat een glas limonade, een biertje of een belegde boterham doorgaans ongeveer tien cent kostte.
Het zijn van die kleine details waardoor een verdwenen wereld ineens weer een beetje tot leven komt. Je ziet het bijna voor je: badgasten op het strand, fietsen richting de Badweg en mensen die bij Steinvoorte neerstrijken voor een drankje.
Alles kwijt door brand
De eerste grote tegenslag kwam al snel. In de winter van 1926 op 1927 brandde een schuur achter Hotel De Boer in Nes af. De familie Steinvoorte had daar materiaal opgeslagen en ook hun eigendommen gingen verloren. De zaak was niet verzekerd.
Je zou kunnen denken dat daarmee het avontuur voorbij was. Maar de Steinvoortes begonnen opnieuw.
In 1928 werd de draad weer opgepakt en in 1929 kon Strandpaviljoen Steinvoorte alweer gasten ontvangen. Een jaar later volgde een uitbreiding met een zijvleugel. Daarmee konden gezelschappen van ongeveer 150 tot 200 personen worden ontvangen.
Wat enkele jaren eerder nog was begonnen met een gehuurde tent, was in korte tijd uitgegroeid tot een serieuze horecagelegenheid aan het strand.
Een plek waar Amelanders en gasten elkaar ontmoetten
Steinvoorte was meer dan alleen een plaats waar toeristen konden eten of drinken. Rond het paviljoen speelde zich een deel van het badleven van Nes af.
Tijdens de Oranjefeesten op 31 augustus werden er bijvoorbeeld volksspelen gehouden. Vanaf de helling van de Badweg richting het strand werd aan ‘kuipjessteken’ gedaan. Oude beelden laten zien hoe anders het gebied er destijds uitzag.
Het strand, de duinen, Hotel Scheltema en Steinvoorte vormden samen een beeld dat voor generaties eilanders en vaste gasten vertrouwd moet zijn geweest. Maar bouwen aan de rand van de Noordzee betekende ook leven met onzekerheid.
De zee komt gevaarlijk dichtbij
In het najaar van 1936 werd duidelijk hoe kwetsbaar Steinvoorte stond. Tijdens een noordwesterstorm werd een groot deel van de duinenrij voor het paviljoen weggeslagen. Volgens historische beschrijvingen was die duinenrij ongeveer zeven meter breed. Daarvan verdween tijdens de storm zo’n vijf meter.
Voor het badpaviljoen waren de duinen op sommige plaatsen tot ongeveer een meter weggeslagen. Steinvoorte bleef ternauwernood gespaard.
Achteraf voelt het bijna als een waarschuwing. De zee had laten zien waartoe zij in staat was. Maar Steinvoorte bleef staan.

Oorlogsjaren
Daarna kwam de Tweede Wereldoorlog. Ook die periode liet zijn sporen achter op het strandgebied bij Nes. Veel zomerverblijven in Duinoord verdwenen. Scheltema en Steinvoorte bleven als gebouwen behouden, maar Steinvoorte kwam zwaar gehavend uit de oorlog.
Een terugblik uit 1965 beschrijft dat het paviljoen in 1945 vrijwel geheel tussen het prikkeldraad werd teruggevonden. Opnieuw moest er worden aangepakt. En opnieuw gebeurde dat.
In 1951 werd zelfs een nieuwe eetzaal aangebouwd. Het leek erop dat Strandhotel Steinvoorte een nieuwe periode tegemoetging. Maar twee jaar later kwam de nacht die alles veranderde.
1 februari 1953
De Watersnoodramp van 1953 wordt in Nederland vooral verbonden met Zeeland, Zuid-Holland en delen van Noord-Brabant. Maar ook op Ameland ging de storm niet ongemerkt voorbij.
Voor Steinvoorte werd het een ramp.
In de nacht van zaterdag 31 januari op zondag 1 februari beukten wind en water op de Amelander kust. De nieuwe eetzaal werd als eerste door de golven getroffen. Daarna volgde een groot deel van de rest van het paviljoen.
Een historische beschrijving vermeldt dat ongeveer de helft van Steinvoorte werd weggeslagen en het resterende gedeelte werd ondergraven. Inwoners van Nes haalden het nog staande deel naar beneden voordat de zee het kon meenemen. Een belangrijk deel van de inventaris kon worden gered.
Andere verslagen maken duidelijk hoe groot de ravage moet zijn geweest. Bedden dreven in de golven. Stoelen, tafels en linnengoed lagen verspreid over het strand. De familie Steinvoorte verbleef ’s winters in Leeuwarden en hoorde daar wat er gebeurde. Ze probeerden naar Ameland te komen, maar door het noodweer kon de boot aanvankelijk niet varen.
Stel je dat eens voor. Je hebt jarenlang een bedrijf opgebouwd. Aan de overkant van de Waddenzee raast de storm over je hotel, maar je kunt er niet naartoe. Wanneer uiteindelijk de overtocht mogelijk is, blijkt een groot deel verdwenen.
Voor veel ondernemers zou dat het einde zijn geweest. Niet voor de Steinvoortes.
Dan bouwen we toch opnieuw?
Slechts drie maanden na de februaristorm werd begonnen met de herbouw. Op 2 mei 1953 werd de eerste steen gelegd voor een nieuw hotel. Volgens historische bronnen speelden burgemeester Roel Walda en directeur van Gemeentewerken Jaap Klaassen een belangrijke rol bij het mogelijk maken van de snelle herbouw.
Maar juist bij die nieuwbouw gebeurde iets dat jaren later van enorme betekenis zou blijken.
De broers Steinvoorte wilden hun nieuwe hotel verder landinwaarts bouwen. En dat klinkt, met de kennis van nu, bepaald niet onlogisch. Zij hadden immers net meegemaakt wat de Noordzee met hun vorige hotel had gedaan.
Historische reconstructies beschrijven dat zij ongeveer honderd meter verder landinwaarts wilden bouwen. Rijkswaterstaat ging daar niet in mee. Uiteindelijk kwam het nieuwe hotel veel minder ver van de oude locatie te staan dan de familie zelf had gewenst. In een reconstructie wordt een uiteindelijke verplaatsing van 42 meter genoemd.
Dat detail geeft het vervolg van het verhaal een wrange lading: de familie wilde verder van de zee af, maar kreeg daarvoor niet de ruimte.
Steinvoorte komt terug
Toch kwam Strandhotel Steinvoorte terug. Midden jaren vijftig kon het vernieuwde hotel weer gasten ontvangen. In 1965 werd het veertigjarig bestaan herdacht. In een vakantieblad uit dat jaar werd de geschiedenis van Steinvoorte zelfs omschreven als de geschiedenis van ‘40 jaar recreatie op Ameland’.
Dat is misschien wel de mooiste omschrijving van de betekenis van het hotel.
Steinvoorte groeide mee met het toerisme op het eiland. Van een simpele tent in 1925 naar een strandpaviljoen. Van paviljoen naar hotel. Van consumpties van tien cent naar een bedrijf waar generaties vakantiegangers kwamen.
Een advertentie uit 1969 noemt Steinvoorte het ‘mooist gelegen hotel-café-restaurant ter plaatse aan de Noordzee en temidden van bos en duin’, met zonneterrassen en een schitterend uitzicht.
Wie er in de jaren vijftig of zestig verbleef, zal waarschijnlijk niet het gevoel hebben gehad dat hij op een historische plek logeerde. Het was gewoon Steinvoorte: een hotel aan zee, een plek waar werd gegeten, gedronken, gewerkt en vakantie gevierd.
Juist daarom zijn verdwenen plekken zo interessant. Wat wij tegenwoordig als geschiedenis bekijken, was voor de mensen van toen simpelweg hun dagelijks leven.
Een rechtszitting op het strand
Een van de opmerkelijkste verhalen rond Steinvoorte speelde zich af in 1956. De gemeente Ameland had een badverbod ingesteld voor het strand vóór Steinvoorte, terwijl er bij buurman Scheltema wel mocht worden gebaad.
De gebroeders Steinvoorte waren het daar niet mee eens en lokten een proefproces uit. Om de situatie zelf te kunnen beoordelen, kwam de kantonrechter naar het strand van Nes. Een rechtszitting op het strand: het klinkt bijna als een scène uit een film, maar het gebeurde werkelijk.
Het verhaal onderstreept hoeveel belangen er inmiddels rond het badtoerisme speelden. Het strand was niet alleen natuur en ontspanning, maar ook de plek waar ondernemers hun bestaan hadden opgebouwd.
De buurman verdwijnt
Ondertussen bleef de Noordzee aan het landschap knagen. Steinvoorte had in 1953 aan den lijve ondervonden wat dat betekende. Later kwam buurman Hotel Scheltema steeds verder in de problemen.
Daar hielpen uiteindelijk ook beschermingsmaatregelen niet meer tegen. In 1970 werd duidelijk dat Scheltema moest verdwijnen en in het voorjaar van 1971 werd het hotel gesloopt.
Voor Steinvoorte moet dat een weinig geruststellend gezicht zijn geweest. De buurman was weg. Nu stond Steinvoorte er alleen.
En de zee kwam nog steeds dichterbij.
Opnieuw begint de strijd
In de jaren zeventig werd de situatie steeds zorgelijker. De familie zag wat er gebeurde en trok bij instanties aan de bel. Nadat in 1973 de zee opnieuw gevaarlijk dichtbij was gekomen, werd ook de verzekerbaarheid van het hotel een probleem.
Daarmee herhaalde de geschiedenis zich. Weer stond een hotel dat voor zijn aantrekkingskracht juist zo mooi bij het strand was gebouwd ineens té dicht bij het water.
De plek die tientallen jaren het grootste pluspunt van Steinvoorte was geweest, werd uiteindelijk zijn grootste bedreiging.
Nog een paar jaar hield het hotel stand. Tot 1976. Toen viel definitief het doek.
Na ruim vijftig jaar was het voorbij
Van een gehuurde zeildoeken tent in 1925 tot het einde van het hotel in 1976: ruim een halve eeuw geschiedenis.
Daartussen zaten een brand, wederopbouw, stormen, de Tweede Wereldoorlog, de Watersnoodramp, opnieuw wederopbouw en ontelbare vakanties.
Steinvoorte had veel overleefd. Maar uiteindelijk niet de veranderende kust.
Zes jaar nadat voor buurman Scheltema het einde was aangekondigd, waren ook de dagen van Steinvoorte geteld. Waar ooit twee beeldbepalende hotels aan het einde van de Badweg stonden, bleef uiteindelijk niets van die gebouwen over.
Wie vandaag richting het strand loopt, ziet nauwelijks nog iets dat verraadt hoe deze plek er vroeger uitzag. En misschien is dát wel het meest bijzondere aan dit verhaal.
Niet dat een gebouw kan verdwijnen, maar hoe volledig een landschap kan veranderen.
Probeer het je eens voor te stellen
De volgende keer dat je vanuit Nes over de Badweg naar het strand fietst of wandelt, moet je voor de aardigheid eens proberen het huidige beeld weg te denken.
Ga in gedachten terug naar pakweg 1935.
Voor je staan Scheltema en Steinvoorte. Op het strand lopen badgasten. Bij het paviljoen wordt limonade geschonken. Mensen komen terug van een dag aan zee. Fietsen staan tegen elkaar en vanuit het hotel wordt uitgekeken over de Noordzee.
Het moet een prachtig gezicht zijn geweest.
En vervolgens realiseer je je dat vrijwel niets daarvan nog bestaat.
Dat is de kracht van oude foto’s. Ze laten niet alleen zien wat er vroeger was. Ze laten vooral zien hoeveel er veranderd is.
Twee hotels, één verhaal over Ameland
Daarmee horen Hotel Scheltema en Strandhotel Steinvoorte eigenlijk bij elkaar.
Twee buurhotels. Twee plekken uit de begintijd van het toerisme aan de Nesser kust. En uiteindelijk twee gebouwen die het moesten afleggen tegen dezelfde tegenstander: de Noordzee.
Toch zou het te gemakkelijk zijn om alleen te zeggen dat de zee heeft gewonnen.
Want tientallen jaren nadat Steinvoorte verdween, wordt er nog steeds over het hotel gesproken. Oude ansichtkaarten worden bewaard. Foto’s worden gedeeld. Mensen herkennen familieleden op beelden of vertellen verhalen die ze ooit van hun ouders of grootouders hoorden.
Een gebouw kan verdwijnen. De herinneringen verdwijnen pas wanneer niemand ze meer vertelt.
En precies daarom bestaat deze rubriek.
Wie weet er nog meer over Steinvoorte?
Heb jij zelf nog herinneringen aan Strandhotel Steinvoorte? Heb je er ooit gelogeerd, gegeten of gewerkt? Werkten je ouders of grootouders er? Of ligt er thuis misschien nog een oude foto, ansichtkaart, menukaart, rekening of ander aandenken aan Steinvoorte?
Dan horen we het graag. Mail naar info@persbureau-ameland.nl.
Ook verhalen die misschien onbelangrijk lijken, kunnen juist waardevol zijn. Wie schonk er achter de bar? Wie maakte de kamers schoon? Welke families kwamen er ieder jaar terug? Hoe zag een gewone zomerdag bij Steinvoorte eruit?
Met zulke herinneringen kunnen we het verhaal van verdwenen Ameland steeds verder aanvullen.
Want Strandhotel Steinvoorte is verdwenen.
Maar vergeten hoeft het niet te worden.

