Ameland verandert voortdurend. Gebouwen verdwijnen, bedrijven sluiten, landschappen veranderen en soms blijft van een plek uiteindelijk alleen een foto, een herinnering of een verhaal over. In de serie Verdwenen, maar niet vergeten duiken we in plekken en verhalen die ooit bij het eiland hoorden, maar die je vandaag niet meer terugvindt zoals vroeger.
We kijken niet alleen naar wat er verdwenen is, maar vooral naar de mensen erachter. Wie kwamen er? Wie werkten er? Waarom was die plek belangrijk? En waarom verdween hij? Zo proberen we stukje voor stukje een deel van het Ameland van vroeger zichtbaar te houden.
Het hotel waar de zee uiteindelijk van won: Hotel Scheltema bij Nes
Hotel Scheltema stond jarenlang aan de rand van Ameland én steeds dichter bij de rand van de zee. Er werd met zand, dennentakken, palen en zelfs oude autobussen geprobeerd het hotel te beschermen. Het mocht niet baten. In 1971 verdween een van de markantste hotels uit de geschiedenis van het eiland onder de slopershamer.
Wie tegenwoordig vanaf Nes richting het Noordzeestrand gaat, treft een compleet andere wereld dan de badgast van ruim honderd jaar geleden.
Hotels, appartementen, fietsen, strandpaviljoens en duizenden vakantiegangers horen inmiddels vanzelfsprekend bij Ameland. Toerisme is een van de belangrijkste pijlers onder de economie van het eiland.
Maar ooit moest dat allemaal nog beginnen.
Aan het begin van de twintigste eeuw was vakantie vieren aan zee nog lang niet de massale bedrijfstak die het later zou worden. Toch kwamen steeds meer bezoekers naar Ameland. Ze kwamen voor de zee, het strand, de gezonde lucht en vooral voor iets wat op de vaste wal steeds moeilijker te vinden was: rust en ruimte.
Daar, in die pioniersjaren van het Amelander toerisme, begint het verhaal van Hotel Scheltema.
Een hotel waarvan uiteindelijk niet een concurrent of een veranderende toeristenmarkt de grootste tegenstander bleek.
Maar de Noordzee.
Een badplaats in wording
Ameland ontdekte aan het einde van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw langzaam de mogelijkheden van het badtoerisme.
Bij Nes werd geprobeerd voorzieningen aan het strand te realiseren. Dat was gemakkelijker bedacht dan uitgevoerd. De kustlijn was geen vast gegeven. Wind, water en zand bepaalden voortdurend opnieuw hoe het landschap eruitzag.
Een eerder badpaviljoen kon zich tot in de Eerste Wereldoorlog handhaven, maar moest uiteindelijk vanwege duinafslag worden afgebroken. Het had een waarschuwing kunnen zijn.
Toch zag Jan Gabbe Scheltema juist kansen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog waren militairen op Ameland gelegerd. Samen met eilanders en soldaten werd aan het einde van het Haverpad, ruim tweehonderd meter oostelijker dan het eerdere badpaviljoen, opnieuw gebouwd.
Daar ontstond een nieuw strandpaviljoen. In 1918 ging het open.
Wat aanvankelijk een paviljoen was, werd in verschillende fasen uitgebreid. Langzaam groeide het gebouw uit tot Hotel Scheltema. Een hotel direct bij het strand.
Voor vakantiegangers kon de ligging nauwelijks aantrekkelijker zijn. Voor de eigenaar zou precies die ligging uiteindelijk een nachtmerrie worden.
Ameland krijgt steeds meer gasten
De ontwikkeling van Hotel Scheltema viel samen met een belangrijke verandering op Ameland: er kwamen steeds meer toeristen.
In Nes waren destijds onder andere Hotel De Boer en Hotel Hofker gevestigd en daarnaast waren er verschillende pensions. De beschikbare bedden begonnen echter onvoldoende te worden voor de groeiende stroom gasten.
De gemeente zag wat er gebeurde. In 1921 werd toestemming gegeven voor de bouw van houten zomerwoningen. Het klinkt bijna als het begin van het Ameland dat we tegenwoordig kennen: steeds meer bezoekers die een plek zoeken om enkele dagen of weken op het eiland door te brengen.
Alleen was de schaal nog totaal anders.
Hotel Scheltema hoorde bij die eerste generatie toeristische ondernemingen die letterlijk hielpen om van Ameland een vakantiebestemming te maken.
Jan Gabbe Scheltema bleef jarenlang bij het hotel betrokken. Na zijn overlijden in 1950 kwam het bedrijf in handen van zijn zoon Heere Jans Scheltema.
Het hotel was inmiddels veel meer dan zomaar een gebouw bij het strand. Generaties gasten hadden er gelogeerd. Er waren vakanties begonnen en geëindigd. Mensen hadden er gegeten, gedronken en naar zee gekeken.
Maar buiten ging een proces door dat zich weinig aantrok van herinneringen.
De zee kwam dichterbij.
De strijd tegen het water
Op historische foto’s van Hotel Scheltema is goed te zien hoe kwetsbaar de ligging uiteindelijk werd.
Waar ooit voldoende duin tussen hotel en zee lag, kwam het water steeds dichter bij het gebouw. En de familie Scheltema gaf zich niet zomaar gewonnen.
Er werd geprobeerd het hotel te beschermen. Niet met één zandzak of een klein walletje. Volgens historische beschrijvingen werden meer dan drieduizend bossen dennentakken aangevoerd. Er kwam puin. Er werden zware palen geplaatst.
En toen gebeurde iets wat tegenwoordig bijna onvoorstelbaar klinkt: er werden twee oude autobussen ingezet.
De voertuigen waren niet meer bruikbaar. Ze werden aangevoerd, gevuld met puin en zand en gebruikt als onderdeel van de verdediging tegen het oprukkende water. Voor de bussen kwamen zware palen, stevig met elkaar verbonden.
Alles met één doel: Hotel Scheltema moest blijven staan.
Het zegt iets over hoeveel het gebouw voor de eigenaren betekende. Maar het zegt ook iets over de eeuwige verhouding tussen Ameland en de zee.
Op het eiland kun je bouwen. Je kunt dijken aanleggen. Je kunt duinen versterken. Je kunt zand verplaatsen. Maar uiteindelijk bepaalt de natuur voor een belangrijk deel waar de grens ligt.
Bij Hotel Scheltema werd die grens steeds duidelijker.
Een hotel aan de rand van de afgrond
De historische beelden uit de laatste periode zijn indrukwekkend.
Het hotel staat er nog. Maar het landschap eromheen vertelt dat de situatie nauwelijks houdbaar is.
Het gebouw dat ooit bewust dicht bij zee was neergezet omdat juist dát aantrekkelijk was voor badgasten, stond nu gevaarlijk dicht bij dezelfde zee. De ideale locatie was veranderd in het grootste probleem.
Dat moet voor de familie Scheltema een wrange constatering zijn geweest. Decennialang was gewerkt aan een hotel dat naam had gemaakt tot buiten Nederland. En nu kon geen verbouwing, reclamecampagne of nieuwe generatie ondernemers het probleem oplossen.
In 1970 kwam uiteindelijk het oordeel van Rijkswaterstaat. Het hotel moest verdwijnen. De situatie werd te gevaarlijk geacht voor personeel en gasten.
Daarmee viel het doek.
Niet vanwege een faillissement. Niet omdat niemand meer naar Ameland wilde. Niet omdat het hotel uit de mode was geraakt.
Hotel Scheltema moest verdwijnen omdat de plek waarop het stond niet langer veilig was.
Voorjaar 1971
In het voorjaar van 1971 kwamen de slopers.
Een gebouw dat ongeveer een halve eeuw onderdeel was geweest van het toeristische Ameland werd afgebroken.
Voor de familie was dat pijnlijk. Het hotel was niet alleen een onderneming geweest. Het vertegenwoordigde tientallen jaren werk en familiegeschiedenis.
En waarschijnlijk is dat precies waarom verhalen over verdwenen gebouwen zoveel meer kunnen zijn dan nostalgie.
Een gebouw is steen, hout en glas. Totdat mensen er tientallen jaren leven en werken. Dan wordt het een plek.
Hotel Scheltema was zo’n plek.
Met de sloop verdween daarom meer dan een hotel. Er verdween een tastbaar onderdeel van de periode waarin Ameland zich ontwikkelde tot toeristisch eiland.
De zee bepaalde vaker de geschiedenis
Wie verder terugkijkt in de geschiedenis van Ameland ontdekt dat het verhaal van Hotel Scheltema eigenlijk in een veel oudere traditie past.
De zee heeft de vorm van het eiland voortdurend veranderd. Complete nederzettingen verdwenen. Dorpen als Sier, Oerd en Swartwoude gingen door stormvloeden en zandverstuivingen verloren. Bewoners van Sier zouden hun houten huizen zelfs hebben afgebroken om het materiaal verderop opnieuw te gebruiken.
Eeuwen later was de techniek totaal veranderd. Er waren Rijkswaterstaat, machines, palen en vrachtwagens.
Maar de fundamentele vraag was dezelfde gebleven: hoe lang kun je een plek behouden wanneer de zee hem terug wil?
Bij Hotel Scheltema was het antwoord uiteindelijk: niet langer.
Ameland veranderde ondertussen verder
De sloop betekende natuurlijk niet het einde van het toerisme. Integendeel.
Ameland ontwikkelde zich verder tot een van de bekendste Nederlandse Waddeneilanden. Nieuwe hotels, vakantieparken, campings, appartementen en recreatievoorzieningen kwamen erbij. Het aantal bezoekers groeide enorm.
Wie nu op een zomerse dag door Nes fietst, kan zich bijna niet voorstellen hoe klein het toerisme honderd jaar geleden nog was.
Juist daarom is Hotel Scheltema interessant.
Het behoorde tot een periode waarin nog helemaal niet vaststond hoe groot toerisme op Ameland zou worden. Ondernemers moesten pionieren. Er waren nog geen decennia aan toeristische ervaring om op terug te vallen.
En ondertussen moest rekening worden gehouden met een eiland dat fysiek voortdurend veranderde.
Alleen de foto’s zijn gebleven
Van Hotel Scheltema kun je tegenwoordig niet meer door de voordeur naar binnen. Er is geen kamer meer te boeken. Geen terras waarop iemand kan vertellen dat hij hier vroeger met zijn ouders vakantie vierde.
Het gebouw is weg.
Wat resteert zijn foto’s, documenten en herinneringen.
Op oude beelden staat een hotel dat ooit volkomen vanzelfsprekend onderdeel was van het eiland. Mensen poseren ervoor of kijken naar de camera zonder te weten dat latere generaties vooral naar iets anders op die foto zullen kijken: het gebouw dat er niet meer is.
Dat maakt oude foto’s soms zo fascinerend.
Ze laten niet alleen zien hoe iets eruitzag. Ze laten zien hoeveel een omgeving kan veranderen.
Verdwenen, maar niet vergeten
Misschien is dat precies waarom Hotel Scheltema een mooie eerste aflevering is van Verdwenen, maar niet vergeten.
Want Ameland staat vol met verhalen waarvan het decor verdwenen is.
Hotels die er niet meer zijn. Winkeltjes waarvan alleen oudere eilanders nog precies weten waar de deur zat. Cafés waar generaties jongeren hun zaterdagavond doorbrachten. Boerderijen, pensions, scholen, werkplaatsen en bedrijven die ooit volkomen vanzelfsprekend bij een dorp hoorden.
En soms is zelfs een heel landschap veranderd.
We gaan in deze rubriek op zoek naar die plekken. Niet alleen naar het antwoord op de vraag: wat stond hier vroeger?
Maar vooral: wie kwamen er? Wie werkten er? Waarom was deze plek belangrijk? Waarom verdween hij? En wat vertelt dat verhaal over het Ameland van vandaag?
Hotel Scheltema verloor uiteindelijk een gevecht dat op Ameland al eeuwen wordt gevoerd.
De mensen wilden blijven. De zee schoof op. In 1971 won de zee.
Het hotel verdween.
Het verhaal hoeft dat niet te doen.
Weet jij nog meer?
Herken je dit verhaal? Heb je zelf nog herinneringen aan Hotel Scheltema, oude foto’s, krantenknipsels of verhalen die binnen je familie zijn doorgegeven? Of ken je mensen die er hebben gewerkt, gelogeerd of op een andere manier bij betrokken waren? Dan horen we dat graag.
Ook tips voor een volgende aflevering zijn welkom. Denk aan verdwenen hotels, pensions, winkels, cafés, boerderijen, scholen, bedrijven of andere plekken op Ameland waarvan het verhaal volgens jou niet verloren mag gaan. Met de herinneringen van lezers kunnen we deze geschiedenis steeds verder aanvullen.
Mail naar: info@persburea-ameland.nl




