RSS
Zoeken

Herstelproeven mossels in Waddenzee

Geplaatst op: 16 maart 2011 - Categorie: Wadden & Natuur

ASSEN - In de tweede helft van maart start het onderzoeksteam van Waddensleutels met het Suudooster en Westsuudwesteruitzetten van proefvlakken voor mosselbankherstel in de Waddenzee. Het is de eerste keer dat actief herstel van mosselbanken wordt uitgevoerd. De onderzoekers markeren per eiland twaalf proefvlakken van twintig meter bij twintig meter. Deze liggen onder de eilanden Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog. Bij elk eiland worden op een deel van de proefvlakken mossels gestort. De drie onderzoeksplekken zijn goed te vergelijken, liggen op plekken waar van nature mosselbanken kunnen ontstaan en zijn relatief goed te bereiken door de onderzoekers. Op Ameland vindt het onderzoek plaats op het wad nabij de Buresteiger.

Kennis voor herstel
Door overbevissing zijn de meeste droogvallende mosselbanken in de Waddenzee verdwenen. Er ontstonden de afgelopen decennia wel jonge banken, maar in tegenstelling tot vroeger groeien deze, met name in de westelijke Waddenzee, vrijwel nooit meer uit tot oude mosselbanken. Met het onderzoek proberen de onderzoekers te bepalen welke factoren een rol spelen bij het uitgroeien tot nieuwe mosselbanken. Met die kennis is het straks hopelijk mogelijk op kansrijke plekken herstel op grotere schaal uit te voeren.

De onderzoekers van Waddensleutels vermoeden dat voor herstel van mosselbanken eerst een vicieuze cirkel moet worden doorbroken. Mosselbanken veranderen hun eigen omgeving door een stevige, schelpenrijke ondergrond te creëren en door slik vast te leggen. Daarmee vergroten ze hun eigen kans op overleving en bieden ze betere mogelijkheden voor jonge mossels om zich te vestigen. Door menselijke ingrepen zijn veel mosselbanken uit de Waddenzee verdwenen. Hierdoor is het vestigingsklimaat om terug te keren te slecht geworden. Door te zorgen voor vestiging van nieuwe mosselbanken, wordt hopelijk ook het mechanisme dat het vestigingsklimaat voor mosselen verbetert in gang gezet. 

Storten mosselen handwerk
Voor het onderzoek zetten de onderzoekers in totaal zesendertig ton mosselen uit. Dat gebeurt met de hand, om de natuur zo min mogelijk te verstoren. Een mosselvisser vist eind april de benodigde mosselen op uit de westelijke Waddenzee. De precieze plaats wordt bepaald door deskundigen die beoordelen waar het minst schade aan de mosselbanken wordt aangebracht. De voorkeur gaat uit naar halfvolwassen mosselen met een dikke schelp. Deze zijn ongeschikt voor consumptie en minder in trek als vogelvoer. Dat vergroot dat de kans dat de schelpen tijdens de proeven niet worden opgegeten.

Uit de praktijk blijkt dat mosselen zich sneller vestigen en beter uitgroeien op een stevige bodem. Omdat de wadbodem veel slikkiger is dan vroeger, brengen de onderzoekers begin april op een aantal proefvlakken kokosmatten aan. Met deze matten bootsen ze een stevige bodem na. Ze zijn gemakkelijk aan te brengen en worden binnen tien jaar door de natuur afgebroken. Die tijd is lang genoeg om een vaste ondergrond voor vestiging te bieden.

Onderzoek Waddensleutels
Gedurende vier jaar onderzoekt het team van Waddensleutels de ontwikkeling van de aangebrachte mosselbanken. Onderzoekers bezoeken een keer per maand de proefvlakken. Ze kijken onder meer naar de dichtheid en de groei van de mosselen en de vraat door vogels, krabben en garnalen. Een aantal vlakken krijgt geen behandeling, om de normale ontwikkeling van de wadbodem te kunnen vergelijken.

De herstelproeven zijn onderdeel van Waddensleutels, een groot, door het Waddenfonds gesubsidieerd project waarin de Rijksuniversiteit Groningen, het Nederlands Instituut voor Ecologie en het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek (NIOZ) samenwerken met Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer.

Naast herstelproeven voert Waddensleutels onderzoek uit naar de kwaliteit van het voedselweb in de Waddenzee. Het onderzoek moet leiden tot kwaliteitskaarten van de Waddenzee. Zie voor meer informatie over het project www.waddensleutels.nl
Waddensleutels is een samenwerking van Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Rijksuniversiteit Groningen, het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) en het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO/KNAW).
Door: Tjisse van der Heide

Naar nieuwsoverzicht
Ads door PA
Gesponsorde links:
Hier adverteren?