In de rubriek ‘Verliefd op Ameland’ praten we met mensen die hun hart verloren zijn aan het eiland of aan iemand op het eiland. Mensen die voor de liefde naar het eiland zijn gekomen of mensen die uit liefde voor het eiland elk jaar weer terugkeren. Vandaag vertelt Gonny van ‘t Hof (58) over haar liefde voor Ameland.
‘Ik kom al sinds mijn twaalfde op Ameland. Eerst ging ik met mijn ouders, later met mijn toenmalige echtgenoot en onze vier zoons en inmiddels ga ik met mijn huidige partner, mijn kinderen én hun partners. Ik ben nu 58 jaar en eigenlijk is er maar één plek waar ik ieder jaar naartoe wil: Ameland.’
Je wilt altijd terug, of je wilt nooit weer
‘Het begon allemaal doordat mijn oom en tante een stacaravan kochten op het eiland. Wij gingen altijd naar Zeeland, want dat was vanuit Alblasserdam, waar ik van origine vandaan kom, lekker dichtbij. Maar mijn oom haalde mijn vader over om toch eens op Ameland te gaan kijken. Hij vertelde dat het voor veel mensen zo is: je wilt daarna altijd terug, of je wilt er nooit meer heen. Hij dacht dat het eerste voor ons zou gelden. Daar kreeg hij gelijk in.’
‘De eerste keer voelde de reis zo bijzonder. Zodra de auto de boot op reed, had ik een vakantiegevoel dat ik nog nooit eerder had ervaren. Dit was iets heel anders dan met de auto naar Zeeland. Dit voelde alsof we een wereldreis maakten, als een echt avontuur!
Toen we vanaf Nes naar Hollum reden, was ik wel een beetje teleurgesteld, want ik dacht; koeien, gras, dat heb ik thuis ook. Maar eenmaal op de camping bij Boomhiemke veranderde alles. Mijn ouders hielden van wandelen en ik weet nog dat we de lange route door de duinen liepen. Ik dacht steeds: waar blijft die zee nou? Tot ineens dat enorme strand voor ons lag. Vanaf dat moment waren we verkocht en kwamen we jaar na jaar terug.’
Ik word overspoeld door herinneringen
‘Nog steeds voelt het als een avontuur wanneer ik naar Ameland afreis. Zodra de auto de boot oprijdt, schieten de tranen in mijn ogen.
Mijn ouders zijn er inmiddels niet meer. Dan denk ik aan hen, aan de vakanties van vroeger en aan de tijd dat mijn eigen kinderen nog klein waren. Ik word overspoeld door herinneringen, maar ook door een enorm gevoel van dankbaarheid en rijkdom, dat ik daar ben met mijn vier zoons en inmiddels ook schoondochters om me heen en dat ik samen met hen weer nieuwe herinneringen mag maken.’

Op het eiland kom je los van alles
‘Het eerste wat we doen als we aankomen, is richting de vuurtoren wandelen of fietsen. Daarna drinken we koffie bij de Sunset op het Hollumerstrand. De volgende dag fietsen we steevast via het Jan Roepespad naar het brede strand.
Zodra we de boot af zijn, schakelen we allemaal over naar de ‘we hoeven niks’-stand. We hoeven niet te winkelen, niet van hot naar her en niet allerlei uitstapjes af te werken. We struinen door Nes, drinken koffie met een Amelander pof bij de bakker, fietsen wat rond en zien wel waar we uitkomen.
Voor mij is Ameland één grote reset. Thuis ben ik altijd druk. Ik werk als programmamanager en op invalbasis als doktersassistente, mijn partner heeft een fruitteeltbedrijf en er is altijd wel iets wat moet. Op Ameland valt dat allemaal van me af. Dat merk ik niet alleen bij mezelf, maar ook bij mijn kinderen.
Zelfs als het regent, vind ik het heerlijk. Dan duik ik lekker in een boek of ik trek een regenjas aan en stap gewoon op de fiets. Ik hoef echt niet naar een luxe wellnessresort of een exclusief hotel in Frankrijk. Geef mij maar Ameland. En af en toe een Nobeltje.’
Ik heb mijn ouders nog nooit zo hard zien huilen
‘Het mooiste vind ik misschien nog wel dat mijn kinderen hetzelfde gevoel hebben bij Ameland. En ook de schoondochters verlangen alweer terug naar het eiland. Ook voor mijn zoons liggen er veel herinneringen op het eiland. We praten het hele jaar door zo nu en dan wel over opa en oma, maar op Ameland zijn ze overal aanwezig en zijn ze er altijd een beetje bij.
Ik kan me nog zo goed herinneren dat mijn toenmalig man en ik samen met onze twee oudste zoons, die toen nog jong waren, onverwacht naar Ameland kwamen toen mijn ouders daar op vakantie waren. We kwamen precies aanfietsen op het moment dat ze koffie zaten te drinken voor de stacaravan, een zoon voorop de fiets en eentje achterop. De oudste riep van veraf keihard: “Opa!”
Ik heb mijn ouders nog nooit zo hard zien huilen, zo onverwachts was het en zo blij waren ze. Ook het beeld van mijn moeder die schelpen zoekt op het strand en mijn vader ernaast, al juttend met zijn wandelstok tussen alles wat de zee had achtergelaten, gaat nooit meer van mijn netvlies af. Dat zijn van die herinneringen die nooit verdwijnen.’


We weten niet of hij het redt
‘Niet al onze herinneringen aan Ameland zijn zorgeloos. Onze jongste zoon was drie jaar toen hij ineens doodziek werd. Iedereen dacht aan een buikgriep, maar uiteindelijk bleek het een gescheurde blindedarm te zijn. Via de huisarts in Nes kwamen we met spoed in het ziekenhuis in Dokkum terecht. Daar kregen we te horen: “Ga maar bidden. We weten niet of hij het redt.”
Dat zijn woorden die je nooit meer vergeet.
Juist omdat je op een eiland bent, voelt zo’n situatie extra kwetsbaar. Je kunt niet zomaar even weg. Toch zijn we ongelooflijk goed geholpen. De huisarts in Nes handelde direct en ook bij Boomhiemke leefde iedereen enorm mee. Ze hielpen zelfs met het inpakken van ons vakantiehuis, omdat wij halsoverkop naar het ziekenhuis vertrokken waren en we de dag erna eigenlijk naar huis zouden. Deze ervaring heeft er echter juist voor gezorgd dat ik me veiliger voel op het eiland. Ik weet nu dat, als er iets gebeurt, de Amelanders voor je klaar staan en je snel adequate hulp krijgt. Gelukkig liep het goed af, onze zoon is inmiddels 24 jaar.’
Een familieverhaal dat wordt doorgegeven
‘Nog altijd verblijven we het liefst op Boomhiemke. Na zoveel jaar op Ameland hebben we onze eigen rituelen en plekken waar we altijd weer graag terugkomen. Zo is uit eten bij De Griffel vaste prik, kijken naar de zonsondergang bij The Sunset en halen onderweg natuurlijk een Nobeltje. Ook het Paardengraf bezoeken we iedere vakantie. Daar staan we altijd even stil. De dag dat het ongeluk met de paardenreddingboot gebeurde waren wij net een dag ervoor vertrokken. Mijn oom en tante waren er wel bij en het heeft op onze hele familie enorme indruk gemaakt. Onze kinderen wilden het verhaal altijd weer horen als we bij het paardengraf stonden. Inmiddels vertellen mijn zoons het verhaal erachter weer door aan hun vriendinnen. Dat vind ik mooi.
Want ook Ameland is niet alleen een vakantieplek geworden, maar een familieverhaal dat steeds verder wordt doorgegeven. Ik kan mensen dan ook al onze favorieten op het eiland aanraden, maar bovenal zou ik willen meegeven: geniet van de kleine dingen en neem de tijd om herinneringen te maken. Want dat is misschien wel het mooiste wat Ameland je geeft.’
Houd jij van Ameland of woon jij op Ameland en heb je een bijzonder verhaal te vertellen voor een van onze rubrieken of ben/ken je iemand met een goed Amelander verhaal die dat graag met ons wil delen? Laat het ons dan weten via info@persbureau-ameland.nl




